De huissocioloog van het Financieele dagblad, prof. dr. Anton Zijderveld, haalde vorige week behoorlijk uit naar medische en bedrijfskundige kwakzalvers en charlatans in het algemeen en de spirituele human resource management consultants (lees coaches) in het bijzonder. Individualisme wordt geradicaliseerd tot een semireligieus subjectivisme dat in de ziel zoekt naar authenticiteit, oorspronkelijk-heid, inspiratie en creativiteit. Wie echter door de theorietjes van deze kwakzalvers heen kijkt, ontdekt niets anders van een amateuristische, platte zielkunde die met allerlei dikke termen wordt opgedoft onder de algemene noemer ‘spiritualiteit’. Managers en medewerkers zijn het vertrouwen in de wetenschap (logica en rationaliteit) blijkbaar kwijtgeraakt en hierdoor is de deur opgezet voor deze rookmagiers. Minister Plasterk heeft uit afkeer van deze ontwikkeling in de maatschappij er zelfs een nieuw woord voor uitgevonden, het ‘ietsisme’. (Ik geloof niet in God, maar in ‘iets’). Op zoek naar jezelf en je innerlijke kracht en spirituele coaching is is zwang. Coaching is een snel groeiende bedrijfstak en iedereen mag zich coach noemen (Intermediair had in 2004 al een hilarische special hier over) . Prima allemaal, maar wordt een organisatie hier beter van op de lange termijn? Zijderveld eindigt zijn betoog met een de volgende oproep: De bedrijfs en organisatiekunde op nuchtere wijze academisch moet blijven en zich vooral niet mooier en succesvoller moet voordoen dan ze is en kan zijn.
Het kon natuurlijk dan ook niet uitblijven dat de OOa zou reageren. Of Zijderveld de OOa bewust niet heeft genoemd in zijn column blijft onduidelijk. Er zijn in Nederland ongeveer 30.000 mensen actief in de organisatieadviesbranche. Van die groep zijn er 1.700 aangesloten bij de OOa (afgerond 6 procent van de hele beroepsgroep). Het is dan ook niet verwonderlijk dat er waarschijnlijk meer kwakzalvers tussen zitten, dan nuchtere, academisch geschoolde organisatie adviseurs (de zogenaamde Certicified Management Consultants). Maar ja, als de markt dit onderscheid niet kan maken, dan blijft het behelpen. De gerespecteerde OOa is niet zichtbaar genoeg in de markt en klanten zijn niet altijd blij met de adviezen van de OOa gecertificeerde consultants. Niet dat ze slecht werk leveren, maar ze hebben nu eenmaal geen toverformules in hun binnenzak zitten, waarmee problemen makkelijk op te lossen zijn. De realiteit is nu eenmaal hard. Om het nog erger te maken, een enquete van augustus 2008 in de McKinsey Quarterly wijst uit dat tweederde van de organisatie veranderingen mislukt! Geen wonder dat managers hun heil ergens anders zoeken. De goed gevoel coaches spelen handig in op dit gevoel van ontevredenheid en kunnen hun diensten makkelijk kwijt.
De Ooa heeft een schone taak om te werken aan zichtbaarheid van het merk OOa in de markt. De kwaliteit van CMC consultants moet veel beter verkocht worden. De CMC consultants zijn het aan hun stand verplicht om het kwaliteitsverschil veel beter verkopen aan hun klanten en klantenorganisaties zouden er verstandig aan doen om te kiezen voor kwalitatief bedrijfskundig organisatieadvies , in plaats van een goed gevoel.